De rechtbank in Den Haag heeft woensdag (17 augustus) besloten dat de Rotterdamse Droogdok Maatschappij (RDM Technology Holding BV) vóór 1 oktober moet beginnen met de sloop van twee van Defensie gekochte onderzeeërs. De Nederlandse Staat had een kort geding aangespannen om het bedrijf daartoe te dwingen. De rechter stelde de Staat in het gelijk en gaf aan dat de RDM vóór 1 oktober een begin moet maken met de afbraak of dat anders de onderzeeboten uiterlijk op 1 november naar Nederland moeten zijn teruggebracht. De onderzeeërs van de Zwaardvisklasse, die al in 1995 aan de RDM werden verkocht, zijn strategische goederen waarvoor een exportvergunning vereist is. RDM wilde het duo aan Maleisië verkopen, maar dat land zag uiteindelijk af van de deal. Aangezien verkoop niet is gelukt, zal tot sloop moeten worden overgegaan.
De ex Hr.Ms. Tijgerhaai en de ex Hr.Ms Zwaardvis liggen al sinds 2000 afgemeerd in Maleisië en Defensie is bang dat de werf in Lumut haar vordering voor onderhoud en liggeld via de rechter zal verhalen door verkoop van het tweetal. De Staat wil verhinderen dat de onderzeeërs of onderdelen zoals bijvoorbeeld torpedobuizen of radar in onbevoegde handen komen. De rechter heeft nu bepaald dat de onderzeeërs volgens de voorschriften van de Koninklijke Marine moeten worden ontmanteld en gesloopt. Blijft het bedrijf in gebreke, dan kost dat RDM 100.000 euro per dag tot een maximum van 25 miljoen euro.